1. Doel van het spel
Het doel van het spel is om als eerste speler, op een reglementaire wijze, de 9-bal te
potten.
2. Gebruikte ballen
Men speelt met de witte speelbal en de negen genummerde ballen 1 tot en met 9.
3. Algemeen/Geldige stoten
Bij iedere stoot moet de witte speelbal eerst de laagst genummerde bal op de tafel
raken; dat mag eventueel via een losse-band-stoot (‘bricole’).Na het raken van de
correcte gekleurde bal moet
• óf een gekleurde bal gepot worden (eender dewelke)
• óf minstens één bal (de witte speelbal of eender welke gekleurde bal)
minstens één band raken
Bij het potten dient niet geannonceerd te worden: in een stoot mag men eender
welke bal (uitgezonderd de witte speelbal) in eender welke pocket potten zonder
vooraf aan te kondigen welke bal waar in zal lopen of hoe dat zal gebeuren. De
ballen moeten dus niet in volgorde gepot worden. Een speler blijft aan tafel zolang
hij op een reglementaire wijze gekleurde ballen pot. Na een correcte stoot waarbij
géén bal gepot wordt, moet de aan tafel komende speler verderspelen met de witte
speelbal op de plaats waar hij ligt.Een spel is afgelopen als één van de spelers in
een reglementaire stoot de 9-bal pot.
4. Het opleggen van de ballen
De ballen worden in een ruitvorm gelegd met de lange diagonaal op de lange lijn. De
1-bal komt op het voetpunt te liggen en de 9-bal in het centrum van de ruit. De
overige ballen liggen willekeurig in de ruit. Men dient ernaar te streven alle ballen al
hun buren te laten raken. Het spel begint met de witte speelbal op een willekeurige
plaats achter de hoofdlijn.
5. Geldige break-stoot
De break-stoot is reglementair indien de 1-bal als eerste geraakt wordt en daarna
• óf één of meerdere gekleurde ballen gepot worden
• óf vier verschillende gekleurde ballen minstens één band raken.
Wordt géén bal gepot, maar raken wél vier ballen een band, dan was de break geldig
en gaat de beurt gewoon over op de tegenspeler.
6. Ongeldige break-stoot
De break-stoot is niet reglementair, en wordt dan beschouwd als een foul, indien zich
één of meer van de volgende situaties voordoen:
• er wordt geen enkele gekleurde bal geraakt
• de 1-bal is niet de eerste gekleurde bal die geraakt wordt
• er wordt geen gekleurde bal gepot en er zijn geen vier verschillende
gekleurde ballen die één of meerdere banden raken
• de witte speelbal wordt gepot
• de witte speelbal of één of meerdere gekleurde ballen worden op de grond
gespeeld
De sanctie voor een ongeldige break is dezelfde als voor fouls in andere stoten; men
vindt ze verderop.
7. Vervolg van het spel
Op de stoot volgend op een geldige openingsstoot mag een 'push out' gespeeld
worden (zie verder). Wordt daar geen gebruik van gemaakt, dan wordt er gewoon
verder gespeeld: men blijft aan de beurt zolang men op een geldige manier
gekleurde ballen pot, anders gaat de beurt over op de tegenspeler.
8. De 'push out'
De ‘push out’ is enkel en alleen toegelaten in de tweede stoot van de partij (de stoot
dadelijk na de break-stoot dus) en enkel indien de break geldig was.Het speelt geen
rol wie die tweede stoot speelt (de openaar of zijn tegenspeler) en of er bij de breakstoot
ballen gepot werden.Bij een push-out gelden de volgende regels:
• men mag de witte speelbal eender waar naartoe spelen
• men mag gekleurde ballen raken, maar dan moet niet
• de laagst-genummerde bal moet niet als eerste gekleurde bal geraakt
worden, het mag wel
•
men mag ballen potten, maar dat moet niet; gepotte ballen blijven
gepot(uitzondering: als de 9-ball gepot wordt, wordt hij terug op het voetpunt
gelegd);
ook als men één of meerdere ballen pot, gaat de beurt na de stoot over aan de
tegenspeler (ook als het de 9-bal is die gepot werd)
• als de witte bal gepot wordt, is dat een foul
• als de witte of één of meerdere gekleurde ballen van tafel gespeeld worden,
is dat een foul;
de van tafel gespeelde ballen blijven weg (‘ze zijn gepot’) (uitzondering: de witte
speelbal en de 9-bal die terug op het voetpunt gespot wordt)Als men een push-out
gaat spelen dan dient dat wél vooraf aangekondigd te worden, zoniet wordt de stoot
beschouwd als een gewone stoot met de daarvoor van toepassing zijnde eisen.Na
een correcte push-out mag de inkomende speler kiezen:
• zélf de volgende (derde) stoot spelen
• de speler die de push-out gespeeld heeft de volgende stoot laten spelen
Wordt er bij de push-out een foul gemaakt, dan heeft de inkomende speler die keuze
niet en dient hij zélf de derde stoot te spelen. In alle gevallen zijn de derde en alle
volgende stoten gewone stoten waarop de eisen van geldige stoten van toepassing
zijn.
9. Fouls
De volgende situaties zijn fouls:
• een ongeldige break maken
• bij een gewone stoot de laagst-genummerde gekleurde bal niet als eerste
raken
•
bij een gewone stoot na het raken van de correcte gekleurde bal en indien
geen bal gepot wordt géén van de ballen (de witte of een willekeurige
gekleurde) een band laten raken
• de witte speelbal potten
• de witte speelbal of een gekleurde bal van tafel spelen
• touché’s en andere algemene fouls
Als een speler een foul begaat, zij het bij de break-stoot, een push-out of een
gewone stoot, dan stopt zijn beurt aan de tafel en krijgt de inkomende speler de
witte speelbal in de hand over de ganse tafel.De speler mag de witte speelbal overal
op tafel leggen, zonder echter een genummerde bal te raken; hij mag de positie van
de witte speelbal blijven verbeteren tot hij stoot.Alle tijdens de foul-stoot gepotte
ballen blijven gepot, tenzij het de 9-ball betreft die dan terug op het voetpunt gelegd
wordt.Meerdere fouls tijdens één stoot worden als slechts één foul gerekend.Het
begaan van een foul heeft nooit het verlies van de partij tot gevolg, tenzij het om de
derde opeenvolgende foul gaat (zie verder).
10. Drie-Foul-Regel
Als een speler in één en hetzelfde spel bij drie opeenvolgende stoten telkens een
foul begaat (zonder dat er dus een tussenliggende correcte stoot plaatsvindt), dan
verliest hij automatisch het spel. Bij de aanvang van de spelbeurt waarin de derde
foul gemaakt zou kunnen worden, en voldoende tijd vóór de stoot, dient een
duidelijke waarschuwing gegeven te worden dat de speler reeds twee
opeenvolgende fouls gemaakt heeft. Wordt zulke waarschuwing niet gegeven, of
komt ze duidelijk te laat, dan wordt er vanuit gegaan dat de speler pas één foul
gemaakt had en wordt de derde foul dus als de tweede beschouwd.