1. Doel van het spel
8-Ball is een aankondigingsspel, gespeeld met de witte speelbal en de vijftien
genummerde ballen 1 tot en met 15. Eén speler moet de ‘volle’ ballen 1 tot en met 7
potten, terwijl de andere speler met de ‘halve’ of ‘gestreepte’ ballen 9 tot en met 15
speelt. De speler die als eerste alle ballen van zijn eigen groep wegspeelt en daarna
de 8-bal geldig pot, wint het spel.
2. Aankondigen
De speler aan stoot moet bij elke stoot van minstens één van zijn eigen ballen vooraf
aankondigen in welke pocket hij gepot zal worden. Hoe dat zal gebeuren direct of
indirect, via één of meerdere banden, via een ‘bricole’ (losse-band-stoot), ... dient
nooit aangegeven te worden. Voor de hand liggende ballen en pockets moeten niet
aangekondigd worden, tenzij de scheidsrechter of de tegenspeler daar expliciet om
vraagt. Stoten via banden en combinatiestoten worden nooit als voor de hand liggend
beschouwd en zullen dus steeds aangekondigd moeten worden. Bij de
openingsstoot moet niet aangekondigd worden.
3. De openingsconfiguratie
De ballen worden in de vorm van een omgekeerde driehoek op de tafel gelegd, met
de topbal van de driehoek op het voetpunt. De 8-bal is de middelste uit de rij van
drie ballen; de beide buitenste ballen van de rij van vijf zijn van een verschillende
soort: de ene ‘vol’, de andere ‘gestreept’. Alle andere ballen worden op een willekeurige
plaats in de driehoek gelegd. Daarbij zal men steeds trachten alle ballen al
hun buren te laten raken. De witte speelbal ligt eender waar achter de hoofdlijn.
4. Openen
De winnaar van de toss (beiden naar de voetband spelen en zien wie er het dichtst
bij de hoofband terecht komt) kiest of hij zelf opent of dat hij de
tegenspeler laat openen. De volgende games worden daarna steeds geopend door
de winnende speler.
5. De geldige openingsstoot: definitie
Om geldig te openen moet de openende speler
• ofwel een genummerde bal potten (eender welke)
• ofwel minstens vier verschillende genummerde ballen minstens één band
laten raken
Slaagt hij er niet in om geldig te openen, dan is dat een foul en de tegenspeler heeft
de keuze:
• de posities op de tafel aanvaarden en zelf verder spelen
• de ballen opnieuw laten opleggen en kiezen om zelf te openen of de
tegenspeler opnieuw te laten openen
6. De speelbal potten bij een voor de rest geldige opening
Als de speelbal gepot wordt bij een voor de rest geldige opening, dan
• blijven alle gepotte ballen, behalve de 8-bal, gepot
• is dat een foul
• is de tafel open
De inkomende speler krijgt de speelbal in de hand achter de hoofdlijn (met daarbij
horende eisen).
7. Genummerde ballen van de tafel spelen bij de opening
Als een speler bij de opening een genummerde bal van de tafel speelt, dan is dat
een foul. De inkomende speler heeft dan de keuze:
• de positie op de tafel aanvaarden en verder te spelen
• de speelbal in de hand te nemen achter de hoofdlijn (met bijhorende eisen)
8. De witte speelbal van de tafel spelen bij de opening
Als een speler bij de opening de witte speelbal van de tafel speelt, dan is dat een
foul. De inkomende speler krijgt dan de bal in de hand achter de hoofdlijn.
9. De 8-bal potten bij de opening
Wanneer de 8-bal gepot wordt bij de opening, heeft de openende speler de keuze:
• de ballen terug te laten opleggen en zelf terug openen
• de 8-bal te laten spotten en verder spelen
Als naast de 8-bal ook de speelbal wordt gepot, mag de inkomende speler kiezen:
• de ballen opnieuw laten opleggen en zelf openen
• de 8-bal laten spotten en verder spelen met de speelbal in de hand achter
de hoofdlijn
10. De open tafel: definitie
De tafel is ‘open’ zolang de keuze van de groep, de ‘volle’ of de ‘gestreepte’ ballen,
niet vaststaat. Bij een open tafel is het toegestaan om iedere volle of gestreepte bal
en de 8-bal als eerste te raken. Men mag als eerste een volle bal raken om een
gestreepte bal te potten en vice-versa. Raakt men als eerste de 8-bal, dan verliest
de speler zijn beurt, maar het is géén foul; alle in die stoot gepotte ballen blijven
gepot en de inkomende speler heeft een open tafel. Op een open tafel blijven alle
ongeldig gepotte ballen gepot. Na de openingsstoot is de tafel steeds open, ook als
er genummerde ballen gepot werden.
11. Keuze van de groep
De keuze van de groep gebeurt nooit bij de openingsstoot, ook niet als daarbij volle
en/of gestreepte ballen gepot werden: onmiddellijk na de openingsstoot is de tafel
steeds open. De speler die als eerste met een geldige stoot een aangekondigde bal
in zijn aangekondigde pocket pot, legt daarmee de groepen vast: hijzelf speelt met
de groep van de correct gepotte bal, de andere speler heeft de andere ballen. Het is
dus de eerste geldige aangekondigde bal na de opening die de keuze bepaalt.
12. De geldige stoot: definitie
Bij iedere stoot, behalve de openingsstoot en bij een open tafel, moet
• de witte speelbal als eerste bal een bal van de eigen soort/groep raken
en daarna moet
• ofwel minstens één genummerde bal gepot worden
• ofwel de witte speelbal of minstens één genummerde bal minstens één
band raken ‘Bricoles’ (losse-band-stoten) zijn toegestaan, maar nà het contact van de witte
speelbal met de correcte genummerde bal moet nog steeds een genummerde bal
gepot worden of moet de witte of een genummerde bal een band raken.
Voldoet men niet aan deze vereisten, dan begaat men een foul.
In het geval van genummerde ballen die vast tegen een band liggen, gelden extra
bepalingen (zie algemene regels).
13. Combinatiestoten, caramboles, ...
Combinatiestoten, caramboles, bricoles, ... zijn toegestaan; de 8-bal mag niet als
eerste bal gebruikt worden als de tafel niet meer open is.
14. Safety-stoten
Omwille van tactische redenen kan een speler verkiezen om wél een bal te potten
maar daarna toch niet aan de beurt te blijven. Hij kondigt dan een ‘safety-stoot’ aan.
Verzuimt de speler om de safety expliciet aan te kondigen en worden één of
meerdere ballen gepot, dan moet de speler daarna zelf verder spelen. Een
safetystoot is een geldige stoot, met alle daarbij geldende eisen (zie definitie). Ballen
die gepot worden bij een safety-stoot blijven gepot.
15. Het scoren
Een speler mag verder spelen tot hij er niet meer in slaagt om op geldige wijze een
bal van zijn eigen groep te potten. Nadat een speler alle ballen van zijn groep geldig
gepot heeft, speelt hij om de 8-bal te potten.
16. Ongeldig gepotte ballen
Onder ongeldig gepotte ballen verstaat men gepotte ballen waarbij
• of bij dezelfde stoot een foul gemaakt werd
• of de bal in een niet-aangekondigde pocket gepot werd
• of de bal gepot werd tijdens een safetystoot
Ongeldig gepotte ballen blijven gepot.
17. Ballen van de tafel
Worden er ballen van de tafel gespeeld,
dan is dat een foul en gaat de beurt over
op de tegenspeler. Genummerde ballen
worden terug gespot in numerieke volgorde
overeenkomstig de algemene regels.
Wordt de 8-bal van de tafel gespeeld, dan verliest
men het spel
18. Straf voor een foul
De tegenspeler krijgt de bal in de hand over de volledige tafel (enkel bij de
openingsstoot in sommige gevallen achter de hoofdlijn, zie hoger).
De speelbal mag met de hand van de speler, de keu, ... verplaatst worden zolang de
bal in de hand blijft; gebeurt dat daarna, dan is dat een foul. Bij in positie leggen van
de speelbal zal iedere voorwaartse stootbeweging een foul zijn als de bal geraakt
werd en er geen geldige stoot was.
Als de speler bij het neerleggen/positioneren van de speelbal hem onopzettelijk
contact laat maken met een genummerde bal, is dat een foul.
19. Een foul maken bij het spelen op de 8-bal
Wanneer men bij het spelen op de 8-bal een foul maakt, maar de 8-bal wordt niet
gepot, dan is er géén verdere sanctie dan deze die normaal voor een foul wordt
toegekend: de inkomende speler krijgt de bal in de hand. Wordt de 8-bal echter wél
gepot in de foul-stoot, dan verliest men het game.
20. Gameverlies
Een speler verliest het game wanneer één of meer van de volgende inbreuken
begaan worden:
• foulen bij het potten van de 8-bal. (behalve bij de break)
• de 8-bal potten samen met de laatste van zijn groep ballen
• de 8-bal van de tafel spelen
• de 8-bal potten in een andere dan de aangekondigde pocket
• de 8-bal potten wanneer er nog ballen van de eigen groep op tafel liggen
21. Patstelling
Als de scheidsrechter, na drie opeenvolgende beurten aan de tafel door iedere
speler (in totaal dus zes opeenvolgende stoten), van oordeel is dat géén van beide
spelers nog echt poogt om het spel te winnen omdat het anders hoogstwaarschijnlijk
zou leiden tot eigen gameverlies, dan worden de ballen terug opgelegd en opent de
openende speler van het pathangende spel opnieuw.
22. 3-foul-regel
De 3-foul-regel geldt niet bij 8-ball.